Abraham Jacob van der Aa

Abraham Jacob van der Aa
Información personal
Nacimiento 7 de diciembre de 1792 o 6 de diciembre de 1792
Ámsterdam (Países Bajos)
Fallecimiento 21 de marzo de 1857
Gorcum (Países Bajos)
Nacionalidad Neerlandesa
Familia
Padre Pierre Jean Baptiste Charles van der Aa
Educación
Educado en Universidad de Leiden
Información profesional
Ocupación Escritor, geógrafo, historiador y funcionario

Abraham Jacob van der Aa (1792-1857) fue un autor neerlandés.

Biografía

Nació el 6 de diciembre de 1792 en Ámsterdam, era hijo de Pierre Jean Baptist Charles van der Aa y de Francina Adriana Bartha van Peene.[1] Autor de diversos diccionarios, falleció el 21 de marzo de 1857.[2]

Obras

  • Nederduitsche en Fransche Zamanspraken (1822)
  • De Heer Gier of de bedrogen huismeester (1823)
  • Handboek voor Burgemeesters (1823)
  • Vervolg op het eerste leerboek van den Heer Meijer.
  • Aadrijkskundig Woordenboek van Noord Braband (1832).
  • Herinnerigen uit het gebied der geschiedenis, betrekkelijk de Nederlanden (1835)
  • Aadrijkskunding Woordenboek der Nederlanden (1836-1851).
  • Nieuwe herinneringen uit het gebied der geschiedenis, betrekkelijk de Nederlanden (1837).
  • Het Metalen Kruis.
  • Geschied en aardrijkskundige beschrijving van het Koningrijk der Nederlanden en het Groothertogdom Luxemburg (1841).
  • Beknopte geschied en aardrijkskundige beschrijving van het Koningrijk der Nederlanden (1844).
  • Nieuw biographisch, anthologisch en critisch Woordenboek van Nederlandsche Dichters (1844-1846).
  • Geschiedkundige beschrijving van de stad Breda en hare omstreken (1845).
  • Nederlandsch Oost-Indië (1846-1857).
  • Beschrijving van den Krimpener en Loopikkerwaard (1847).
  • Nederland (1849).
  • China en zijne bewoners (1848).
  • Lotgevallen van Willem Heenvliet, ook op Borneo en Bali (1851).
  • Biographisch Woordenboek der Nederlanden (1850-1857).
  • Beknopt aardrijkskunding Woordenboek der Nederlanden (1855).
  • Bloemlezing uit den Hollandschen Spectator van Justus van Effen.
  • Parelen uit de lettervruchten van Nederlandsche Dichteressen (1856).
  • Ons Vaderland en zijne bewoners (1855-1857).[3]

Notas

  • Partes de este artículo incluyen texto de de Levensberigt van Abraham Jacob van der Aa (1857), una obra de Karel Johan Reinier van Harderwijk (f. 1860) en dominio público.

Referencias

Bibliografía